woensdag 24 september 2014

BALLADE-13 b a l l a d e 9

B A L L A D E 9

9.1
     Terwijl ik slaap – de honderdste minuut van de eerste periode – waakt de hond over de iep
     Terwijl ik slaap – de negenennegentigste minuut van de tweede periode – waakt de iep over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtennegentigste minuut van de derde periode – waakt de wijsheid over de zwervenden
     Terwijl ik slaap – de zevenennegentigste minuut van de vierde periode – waken de zwervenden over de vertrekkenden
     Terwijl ik slaap – de zesennegentigste minuut van de vijfde periode – waakt de poldermens M.S. over mij


9.2
     Terwijl ik slaap – de vijfennegentigste minuut van de zesde periode – waakt het varken over de esdoorn
     Terwijl ik slaap – de vierennegentigste minuut van de zevende periode – waakt de esdoorn over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieennegentigste minuut van de achste periode – waakt de wijsheid over de joelenden
     Terwijl ik slaap – de tweeennegentigste minuut van de negende periode – waken de joelenden over de observerenden
     Terwijl ik slaap – de eenennegentigste minuut van de tiende periode – waakt de grootstadmens O.S. over mij


9.3
     Terwijl ik slaap – de negentigste minuut van de elfde periode – waakt de spin over de eik
     Terwijl ik slaap – de negenentachtigste minuut van de twaalfde periode – waakt de eik over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtentachtigste minuut van de dertiende periode – waakt de wijsheid over de boetserenden
     Terwijl ik slaap – de zevenentachtigste minuut van de veertiende periode – waken de boetserenden over de vechtenden
     Terwijl ik slaap – de zesentachtigste minuut van de vijftiende periode – waakt de steppemens S.K. over mij


9.4
     Terwijl ik slaap – de vijfentachtigste minuut van de zestiende periode – waakt de slang over de perelaar
     Terwijl ik slaap – de vierentachtigste minuut van de zeventiende periode – waakt de perelaar over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieentachtigste minuut van de achttiende periode – waakt de wijsheid over de tuinierenden
     Terwijl ik slaap – de tweeentachtigste minuut van de negentiende periode – waken de tuinierenden over de mediterenden
     Terwijl ik slaap – de eenentachtigste minuut van de twintigste periode – waakt de kustmens H.W. over mij


9.5
     Terwijl ik slaap – de tachtigste minuut van de eenentwintigste periode – waakt de eend over de berk
     Terwijl ik slaap – de negenenzeventigste minuut van de tweeentwintigste periode – waakt de berk over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtenzeventigste minuut van de drieentwintigste periode – waakt de wijsheid over de landenden
     Terwijl ik slaap – de zevenenzeventigste minuut van de vierentwintigste periode – waken de landenden over de analyserenden
     Terwijl ik slaap – de zesenzeventigste minuut van de vijfentwintigste periode – waakt de hellingmens D.B. over mij


9.6
     Terwijl ik slaap – de vijfenzeventigste minuut van de zesentwintigste periode – waakt de koe over de cipres
     Terwijl ik slaap – de vierenzeventigste minuut van de zevenentwintigste periode – waakt de cipres over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieenzeventigste minuut van de achtentwintigste periode – waakt de wijsheid over de slachtenden
     Terwijl ik slaap – de tweeenzeventigste minuut van de negenentwintigste periode – waken de slachtenden over de oriënterenden
     Terwijl ik slaap – de eenenzeventigste minuut van de dertigste periode – waakt de toendramens G.S. over mij


9.7
     Terwijl ik slaap – de zeventigste minuut van de eenendertigste periode – waakt het paard over de hazelaar
     Terwijl ik slaap – de negenenzestigste minuut van de tweeendertigste periode – waakt de hazelaar over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtenzestigste minuut van de drieendertigste periode – waakt de wijsheid over de morsenden
     Terwijl ik slaap – de zevenenzestigste minuut van de vierendertigste periode – waken de morsenden over de identificerenden
     Terwijl ik slaap – de zesenzestigste minuut van de vijfendertigste periode – waakt de meermens F.R. over mij


9.8
     Terwijl ik slaap – de vijfenzestigste minuut van de zesendertigste periode – waakt de salamander over de olijf
     Terwijl ik slaap – de vierenzestigste minuut van de zevenendertigste periode – waakt de olijf over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieenzestigste minuut van de achtendertigste periode – waakt de wijsheid over de eisenden
     Terwijl ik slaap – de tweeenzestigste minuut van de negenendertigste periode – waken de eisenden over de feestenden
     Terwijl ik slaap – de eenenzestigste minuut van de veertigste periode – waakt de grotmens I.R. over mij


9.9
     Terwijl ik slaap – de zestigste minuut van de eenenveertigste periode – waakt de kat over de conifeer
     Terwijl ik slaap – de negenenvijftigste minuut van de tweeenveertigste periode – waakt de conifeer over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtenvijftigste minuut van de drieenveertigste periode – waakt de wijsheid over de vloekenden
     Terwijl ik slaap – de zevenenvijftigste minuut van de vierenveertigste periode – waken de vloekenden over de verhongerenden
     Terwijl ik slaap – de zesenvijftigste minuut van de vijfenveertigste periode – waakt de savannemens S.S. over mij


9.10
     Terwijl ik slaap – de vijfenvijftigste minuut van de zesenveertigste periode – waakt het schaap over de kastanje
     Terwijl ik slaap – de vierenvijftigste minuut van de zevenenveertigste periode – waakt de kastanje over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieenvijftigste minuut van de achtenveertigste periode – waakt de wijsheid over de ploegenden
     Terwijl ik slaap – de tweeenvijftigste minuut van de negenenveertigste periode – waken de ploegenden over de doezelenden
     Terwijl ik slaap – de eenenvijftigste minuut van de vijftigste periode – waakt de rivieroevermens S.M. over mij


9.11
     Terwijl ik slaap – de vijftigste minuut van de eenenvijftigste periode – waakt de aap over de palm
     Terwijl ik slaap – de negenenveertigste minuut van de tweeenvijftigste periode – waakt de palm over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtenveertigste minuut van de drieenvijftigste periode – waakt de wijsheid over de slempenden
     Terwijl ik slaap – de zevenenveertigste minuut van de vierenvijftigste periode – waken de slempenden over de pratenden
     Terwijl ik slaap – de zesenveertigste minuut van de vijfenvijftigste periode – waakt de heidemens K.P. over mij


9.12
     Terwijl ik slaap – de vijfenveertigste minuut van de zesenvijftigste periode – waakt de kever over de wilg
     Terwijl ik slaap – de vierenveertigste minuut van de zevenenvijftigste periode – waakt de wilg over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieenveertigste minuut van de achtenvijftigste periode – waakt de wijsheid over de wortelenden
     Terwijl ik slaap – de tweeenveertigste minuut van de negenenvijftigste periode – waken de wortelenden over de dinerenden
     Terwijl ik slaap – de eenenveertigste minuut van de zestigste periode – waakt de woestijnmens A.M. over mij


9.13
     Terwijl ik slaap – de veertigste minuut van de eenenzestigste periode – waakt de olifant over de plataan
     Terwijl ik slaap – de negenendertigste minuut van de tweeenzestigste periode – waakt de plataan over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtendertigste minuut van de drieenzestigste periode – waakt de wijsheid over de brandenden
     Terwijl ik slaap – de zevenendertigste minuut van de vierenzestigste periode – waken de brandenden over de rustenden
     Terwijl ik slaap – de zesendertigste minuut van de vijfenzestigste periode – waakt de veldmens B.G. over mij


9.14
     Terwijl ik slaap – de vijfendertigste minuut van de zesenzestigste periode – waakt de vos over de beuk
     Terwijl ik slaap – de vierendertigste minuut van de zevenenzestigste periode – waakt de beuk over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieendertigste minuut van de achtenzestigste periode – waakt de wijsheid over de snakkenden
     Terwijl ik slaap – de tweeendertigste minuut van de negenenzestigste periode – waken de snakkenden over de vergaderenden
     Terwijl ik slaap – de eenendertigste minuut van de zeventigste periode – waakt de oasemens S.D. over mij


9.15
     Terwijl ik slaap – de dertigste minuut van de eenenzeventigste periode – waakt de kip over de eucalyptus
     Terwijl ik slaap – de negenentwintigste minuut van de tweeenzeventigste periode – waakt de eucalyptus over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtentwintigste minuut van de drieenzeventigste periode – waakt de wijsheid over de stotterenden
     Terwijl ik slaap – de zevenentwintigste minuut van de vierenzeventigste periode – waken de stotterenden over de beslissenden
     Terwijl ik slaap – de zesentwintigste minuut van de vijfenzeventigste periode – waakt de moerasmens H.M. over mij


9.16
     Terwijl ik slaap – de vijfentwintigste minuut van de zesenzeventigste periode – waakt de bij over de ceder
     Terwijl ik slaap – de vierentwintigste minuut van de zevenenzeventigste periode – waakt de ceder over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de drieentwintigste minuut van de achtenzeventigste periode – waakt de wijsheid over de vergrotenden
     Terwijl ik slaap – de tweeentwintigste minuut van de negenenzeventigste periode – waken de vergrotenden over de bekendmakenden
     Terwijl ik slaap – de eenentwintigste minuut van de tachtigste periode – waakt de veenmens B.T. over mij


9.17
     Terwijl ik slaap – de twintigste minuut van de eenentachtigste periode – waakt de kikker over de den
     Terwijl ik slaap – de negentiende minuut van de tweeentachtigste periode – waakt de den over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achttiende minuut van de drieentachtigste periode – waakt de wijsheid over de brullenden
     Terwijl ik slaap – de zeventiende minuut van de vierentachtigste periode – waken de brullenden over de wachtenden
     Terwijl ik slaap – de zestiende minuut van de vijfentachtigste periode – waakt de terpmens K.H. over mij


9.18
     Terwijl ik slaap – de vijftiende minuut van de zesentachtigste periode – waakt de worm over de populier
     Terwijl ik slaap – de veertiende minuut van de zevenentachtigste periode – waakt de populier over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de dertiende minuut van de achtentachtigste periode – waakt de wijsheid over de vervellenden
     Terwijl ik slaap – de twaalfde minuut van de negenentachtigste periode – waken de vervellenden over de buigenden
     Terwijl ik slaap – de elfde minuut van de negentigste periode – waakt de bosmens V.Z. over mij


9.19
     Terwijl ik slaap – de tiende minuut van de eenennegentigste periode – waakt de beer over de moerbei
     Terwijl ik slaap – de negende minuut van de tweeennegentigste periode – waakt de moerbei over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de achtste minuut van de drieennegentigste periode – waakt de wijsheid over de zoenenden
     Terwijl ik slaap – de zevende minuut van de vierennegentigste periode – waken de zoenenden over de afmerenden
     Terwijl ik slaap – de zesde minuut van de vijfennegentigste periode – waakt de prairiemens Z.R. over mij


9.20
     Terwijl ik slaap – de vijfde minuut van de zesennegentigste periode – waakt de kameleon over de spar
     Terwijl ik slaap – de vierde minuut van de zevenennegentigste periode – waakt de spar over de wijsheid
     Terwijl ik slaap – de derde minuut van de achtennegentigste periode – waakt de wijsheid over de vlijenden
     Terwijl ik slaap – de tweede minuut van de negenennegentigste periode – waken de vlijenden over de aankomenden
     Terwijl ik slaap – de eerste minuut van de honderdste periode – waakt de terrasmens T.D. over mij


>>   naar   b a l  l a d e  10



© mc 1995-2014



terug naar BALLADE-13

terug naar 1n (inhoud)






Geen opmerkingen:

Een reactie posten